De interesse voor additive manufacturing is er zeker in de Nederlandse maakindustrie. Maar hoe krijg je de grote groep volgers in beweging? Breekt het gebrek aan grote OEM’ers Nederland op? Of moeten bedrijven veel meer ‘ballen’ tonen en beginnen met 3D printen? Vragen die nog open bleven op het event Ready for Additive Manufacturing, georganiseerd door het Fraunhofer Project Center bij de UTwente. Dat de tijd dringt, werd ook duidelijk. De digitalisering en daarbinnen additive manufacturing zorgen namelijk voor a-symmetrische concurrentie.

 

Team Additive van FPC@UT plaatst 3D printen in perspectief van digitalisering

Additive manufacturing is een van de thema’s waarmee het Fraunhofer Project Center in Enschede de Nederlandse maakindustrie wil ondersteunen. “Wij zijn hier om bedrijven te helpen groeien. Het sleutelwoord is productie”, aldus Biba Visnjicki, directeur business development bij de start van Ready for AM. Het FPC@UT heeft samen met Universiteit Twente, Saxion en Fraunhofer IPT onder andere het Team Additive gevormd, ondersteund door het Fraunhofer ILT in Aken en Aachen Center for Additive Manufacturing.

 

Güngör Kara van EOS: wie nieuwe technologie niet omarmt, wordt naar de kant gedrukt.

 

AM is kwestie van andere mindset

3D printen staat niet op zichzelf. Dat betoogt Ian Gibson, hoogleraar design engineering en wetenschappelijk directeur van FPC@UT. Het is onderdeel van een ecosysteem. “Additive manufacturing zou niet bestaan zonder 3D modelleren, of zonder internet. Het is een ecosysteem dat je moet onderzoeken en er je voordeel uithalen.” Het is een kwestie van mindset, zo maakt Güngör Kara, chief digital officer bij EOS en CEO van Additive Minds duidelijk in een sterke presentatie over a-symmetrische concurrentie. Twee foto’s van het New York uit begin 20e eeuw, gemaakt met 13 jaar tijdverschil, vatten zijn betoog samen. De eerste foto met heel veel koetsen met paarden en één auto. 13 jaar later dezelfde straat maar dan vol met auto’s. Slechts één koets met paard, weggedrukt aan de zijkant. Güngor Kara: “Als je de technologie niet adopteert, word je aan de kant geduwd.”

 

In het verdienmodel met AM zitten veel meer elementen

Er was veel interesse voor de deelnemers aan de expomarkt.

 

Digitale B2B platformen worden dominant

Zijn waarschuwing luidt echter vooral dat innovatie en vernieuwing van businessmodellen niet meer lineair verlopen. Digitalisering gaat een enorme invloed krijgen op de maakindustrie. Er ontstaat een andere visie op kapitaalgoederen. “Assets moet je mobiliseren”, zegt Kara. Industriële platformen, dat is de volgende stap. “Digitale B2B platformen worden binnen vier tot vijf jaar dominant.” En als je die golf niet ziet aankomen omdat je blik de verkeerde kant op is gericht, denk je dat je op een kalme zee dobbert. Maar achter je komt een vloedgolf op je af. En additive manufacturing is deel van die vloedgolf.

 

Waarom blijft Nederland achter met 3D metaalprinten?

Maar zeker op het vlak van 3D metaalprinten, blijft de industrie in Nederland achter. “We hebben weinig grote OEM’ers, die ook moeten omdenken”, werpt Gert van Wakeren, sales engineer laser bij Trumpf Nederland, op in de afsluitende paneldiscussie. En met omdenken bedoelt hij vooral anders designen. Koninklijke Metaalunie en FPT Vimag zouden wat hem betreft de technologie best meer mogen promoten. Ondertussen kan de industrie krachten bundelen, oppert hij. Trumpf is bereid om gedeelde faciliteiten te ondersteunen, zodat bedrijven gezamenlijk kennis kunnen ontwikkelen.

 

De pannelleden discusieerden onder leiding van Chris Willemsen van Oost NL. Van links naar rechts Jaap Bulsink (K3D), Renko Overmeen (Aeronamic), Tom Vaneker (UTwente), Harry Kleijnen (Additive Industries) en Gert van Wakeren (Trumpf Nederland). 

 

Samenwerken in shared facility

In feite gebeurt zoiets niet alleen in de Achterhoek rond Kaak, maar in Almelo rond luchtvaarttoeleverancier Aeronamic. De tier 2 toeleverancier ontwikkelt momenteel het 3D metaalprintproces voor een aantal vliegtuigonderdelen samen met FPC@UT. De EOS M290 3D metaalprinter is voor een deel ook beschikbaar voor maakbedrijven uit de regio, zegt Renko Overmeen, Programmadirecteur bij Aeronamic. Het is ook een kwestie van bereid zijn risico te nemen en gewoon ermee beginnen, denkt Jaap Bulsink, technisch directeur K3D. Dat werkt momenteel aan de uitrol van meerdere shared facilities voor AM. Moederbedrijf Kaak Group heeft de stap enkele jaren geleden gezet. Jaap en zijn team hebben ondertussen al meer dan 35.000 onderdelen geprint die in de machines worden ingebouwd. “Ik zie steeds meer businesscases”, zegt hij. “Begin ermee, je kunt het niet eerst rond rekenen. Misschien toont Nederland ter weinig ballen als het om investeren gaat?”

In de komende editie van 3D Print magazine kun je een uitgebreider artikel over Ready for AM lezen. Wil je meer weten over Team Additive van FPC@UT, kijk dan hier.

FOTO: Biba Visnjicki tijdens de opening van het evenement bij de Universiteit Twente.