Ricoh ziet additive manufacturing als een van de pijlers onder de groeiambities van het bedrijf. De combinatie van eigen 3D printtechnologie én eigen materialen, moet het Japanse concern een voorsprong geven. 3D printen met PP is één voorbeeld; PA6 met glas een ander. Een heel interessante ontwikkeling van 3D metaalprinten. Is Ricoh ook een van de partijen die de fabrikanten van SLM-metaalprinters gaan uitdagen?

 

Behalve PP ook PA6 met glasparels; metaalprinten in ontwikkeling

Bart Deweerdt, business development manager 3D printen bij Ricoh Benelux, gunde onlangs op Materialise World Summit de deelnemers een kijkje in de keuken van het Japanse concern. En daar gebeurt momenteel veel op het gebied van 3D printen. Ricoh wil vooral de grenzen verleggen als het gaat om 3D printen van functionele onderdelen. De zelf ontwikkelde AM S5500 P 3D printer is de hoeksteen van de strategie om deze ambitie te verwezenlijken. “Deze machine kan PA12 en PA 11 printen, maar de kracht ligt in het feit dat we PA6 GB (Glas Beads, versterkt met glas) kunnen printen. En PP.” De 3D printer zelf beschikt over een scanner die een snelheid tot 50 m/sec haalt. Daarmee kan men sneller grotere werkstukken (tot 550 bij 550 bij 500 mm) 3D printen dan de concurrentie, aldus Deweerdt. Ricoh staat toe dat klanten de machine tweaken.

 

Een voorbeeld van een product geprint met Ricoh PP.

Opschuiven richting functionele onderdelen

De SLS machine is dan wel de hoeksteen van de strategie, de materialen die Ricoh ontwikkelt zijn een essentiële schakel. Bart Deweerdt wijst op een inconsistentie in de 3D printmarkt tot nog toe. Het kunststofverbruik in Europa wordt gedomineerd door PP, het meest gebruikte materiaal voor spuitgieten. Voor 3D printen is het materiaal echter amper beschikbaar. Ricoh heeft nu wel een PP ontwikkeld, geschikt voor de AM S5500 P. Het heeft een elongatie bij breuk van 500%. Ricoh slaagt er bovendien in om 90% van het poeder te hergebruiken, om zo de kosten laag te houden.

 

Deze manifold is gemaakt van PA6GB, een nylon met glassbeats gevuld.

PA6 GB: smeltpunt 220 graden C

Een tweede kunststof waarmee Ricoh voor zichzelf een unieke positie creëert, is PA6 GB met glas. Dit materiaal heeft een treksterkte van 77 MPa en een smeltpunt van 220 graden C. Dit soort materialen maken de 3D printtechnologie bruikbaar voor de productie van functionele onderdelen. “De toekomst zit in deze functionele componenten. Materalen zoals ons PA6 kunnen daar voor toegevoegde waarde zorgen”, aldus Bart Deweerdt.

 

3D metaal en keramiek printen

Ricoh heeft vorig jaar een eigen 3D metaalprinter getoond. Het Japanse concern kiest voor de combinatie van poederbed (zoals bij SLS) met inkjettechnologie. Het levert weliswaar een tweestaps proces op – de onderdelen moet na het 3D printen gesintered worden – maar daar staan volgens de Ricoh manager voordelen tegenover. Zo kan men makkelijker verschillende materialen combineren. Ook keramische materialen printen kan met deze technologie. “En doordat we met een poederbed werken, hebben we geen supportstructuur nodig.” Op dit moment halen de R&D teams van Ricoh een materiaaldichtheid van 98%. Geëxperimenteerd wordt er met titanium en RVS. “De technologie zit nog in de ontwikkelfase, maar komt er aan.”