Op de nieuwe onderzoekcampus in Aken is het Aachen Center for Additive Manufacturing gestart. In dit centrum werken meerdere onderzoeksinstituten uit Aken nauw samen met de industrie rond zowel technische als business vraagstukken gerelateerd aan 3D printen. Het centrum staat ook open voor bedrijven uit de Benelux om als partner toe te treden. De initiatiefnemers rekenen zelfs op interesse uit Nederland en België.

 

ACAM ook toegankelijk voor mkb-ondernemingen uit de Benelux

Additive manufacturing wordt een sleuteltechnologie in de maakindustrie, voorspelde Roland Berger twee jaar geleden al. Maar er zijn nog problemen die opgelost moeten worden voordat deze visie realiteit wordt. Precies bij die stappen wil het Aachen Center for Additive Manufacturing (ACAM) een rol meespelen en de industrie ondersteunen bij de inplementatie van AM in de productie.

 

ACAM

Veel vertegenwoordigers uit de industrie hebben deelgenomen aan de kick of van het Aachen Center for Additive Manufacturing.

 

Breed perspectief

Deze uitdagingen liggen op het vlak van kennis en vaardigheden van mensen om in 3D te denken en nieuwe CAD-systemen te ontwikkelen die de potenties van additive manufacturing maximaal benutten. De andere uitdaging ligt op het vlak van de technologie en het proces: de snelheid moet omhoog. Johannes Witzel, een van de twee directeuren van ACAM, verwacht dat er in de komende decennia zelfs heel nieuwe processen ontwikkeld gaan worden. De derde uitdaging die het centrum wil oppakken is het ontwikkelen van complete procesketens. Witzel: “Additive manufacturing is geen black box. De combinatie van additive manufacturing met andere processen is cruciaal.” De vierde uitdaging zit in het ontwikkelen van nieuwe businessmodellen. Omdat al deze vragen niet vanuit een instituut beantwoord kunnen worden, hebben de zes founding fathers van ACAM hun expertise en capaciteit gebundeld.

 

ACAM

De beide directieleden, Kristian Arntz (l) en Johannes Witzel, beiden afkomstig van de Fraunhofer instituten in Aken.

Partners uit de industrie

ACAM is primair een onderneming die met privaat geld wordt gefinancierd. Daartoe zoekt men in de industrie partners. Het nieuwe centrum is het eerste, aldus directeur Arntz, dat zich vanaf het begin internationaal opstelt. Ook bedrijven van buiten Duitsland kunnen partner worden. Vandaar dat men als voertaal binnen ACAM Engels kiest. Arntz ziet zeker voor bedrijven uit Nederland en België mogelijkheden om toe te treden. Als partner krijgt je toegang tot de kennis rond additive manufacturing die in Aken aanwezig is , het indienen van projectvoorstellen en de uiteindelijke selectie hiervan. Meedoen kan vanaf 12000 euro per jaar als basic partner. Voor dat geld krijgt men toegang tot de activiteiten en vouchers ter waarde van 6 mille. Deze vouchers kan men naar eigen keuze inzetten om mee te doen een van de onderzoeksprojecten. Voor 40.000 krijgt men een plek in de stuurgroep en ter waarde van 18.000 euro vouchers. Alle partners hebben toegang tot de kennisuitwisseling en de educatie-activiteiten die ACAM gaat organiseren. De vierde pijler is één op één projecten tussen onderzoekers en de industrie.

 

Spin in het web

De positie van ACAM op de nieuwe Akense campus is er een als een spin in het web. Er liggen namelijk lijntjes naar het soortgelijke centra voor Leichtbau, stempel- en matrijzen maken en turbo machinery. De founding fathers van ACAM zijn het WZL van de RWTH Aachen, de Fraunhofer instituten voor Produktionstechnologie IPT en Lasertechnik ILT, KEX Knowledge Exchange, PEM (leerstoel voor productie-engineering van e-mobility componenten) en het IWF (Institute for Toolless Fabrication van de Fachhochschule Aachen).

In het 3D printmagazine van oktober verschijnt een uitgebreider artikel over ACAM. Meer informatie vind je hier.